Informatie
Natuurgebied
Het beheren van natuurgebieden in ons land is geen gemakkelijke opgave. Alle "natuurgebieden" in Nederland zijn namelijk "cultuurgebieden", die zijn ontstaan en alleen in stand kunnen worden gehouden door menselijk ingrijpen.
De doelstelling voor de meeste "open natuurgebieden" luidt: houden zoals het is; en de beste beheersvorm is dan: doen wat altijd is gedaan: het beheer is er dan op gericht een optimale verscheidenheid van begroeiïng in stand te houden en het "natuurlijk evenwicht" te behouden of te herstellen.
Stichting het Schaap van de St. Tunnisse heide
Omdat ook het beheer van het heidereservaat "de Ullingse Bergen" steeds problematischer werd, werd al in 1973 een poging gewaagd om een krediet los te krijgen voor de aanschaf van een aantal Kempische heideschapen. Deze poging leed schipbreuk. Men bleef echter niet stilzitten en in 1977 kwam de zaak toch rond. Omdat een herder te duur was werd een afrastering gemaakt rond het 300 hectare grote begrazingsgebied. Deze voorzieningen zijn onder meer gefinanciëerd uit D.A.C.W.-gelden. Op 27 april 1978 kon de eerste paal voor de afrastering worden geslagen. In september 1978 kwam een kudde van 50 Kempische heideschapen naar de St. Tunnisse heide.
Bij akte van 7 april 1977 werd in het leven geroepen "Stichting het Schaap van de St. Tunnisse heide". De stichting stelt zich ten doel het instandhouden en raszuiverhouden van het schaap "Het Kempische Heideschaap". In 1978 is de schaapskooi gebouwd. De officiële opening van het schapenpark vond plaats op 15 juni 1979.
Kempisch heideschaap
De kenmerken voor een goed Kempisch heideschaap zijn: het is een middelgroot schaap, maar kleine en minder zwaar dan het Veluwse schaap. Het heeft een betere vleeskwaliteit. Het is van oudsher bekend en gezocht als vleesschaap. Het is geschikt voor het beheer van heideachtige vegetaties en schrale graslanden. Het staat hoog op de benen, heeft een lange rug en een statige verschijning. De hals is lang en wordt gestrekt gedragen. De kop is lang, smal en onbewold en glanzend behaard tot achter de oren, heeft een weinig verheven neus en een plat voorhoofd. De neusspiegel is minder roze dan bij het Veluwse schaap. De kop is evenals de poten meestal geheel wit van kleur, maar soms ook bruin of gespikkeld.
Steeds meer worden schapen en de laatste tijd ook grotere grazers als runderen en paarden ingezet bij het beheer van natuurterreinen. Het gaat hier om het verkrijgen van een zo natuurlijk mogelijke vegetatie, behorende bij het betreffende terreintype.
Schotse Hooglanders
Bij testament werd door wijlen ir. G. van den Eynden de schenking geregeld van 6 Schotse Hooglanders. Deze runderen, 4 koeien en 2 kalveren, werden op 7 mei 1983 door familieleden van de heer van den Eynden aangeboden. Op 24 augustus 1983 werd het eerste kalfje geboren. Inmiddels grazen deze runderen, nadat de nodige voorzieningen (rasters e.d.) zijn aangebracht, met de Kempische Heideschapen, als één begrazingseenheid in het begrazings- gebied "de Ullingse Bergen". Hoewel de Hooglanders door hun wat wild uiterlijk voor sommigen misschien een wat onbetrouwbare indruk maken, blijken de dieren op zich niet agressief te zijn.
Bij akte van 9 januari 1984 werden de statuten zodanig gewijzigd dat aan de doelstelling werd toegevoegd ook het raszuiverhouden van: het rund "de Schotse Hooglander". De stichting tracht dit doel te bereiken onder meer door het beheren, exploiteren of doen exploiteren van deze rassen, al dan niet in kuddeverband, door het doen beweiden door deze kudde van heidevelden en andere natuurgebieden in Noord-Brabant, speciaal het gebied van de Boswachterij te St. Anthonis, teneinde een doelmatig beheer in het gebied mogelijk te maken en door alle andere wettige middelen, welke voor het doel bevorderlijk kunnen zijn.
Populatie
Door het sluiten van een inscharingsovereenkomst met Staatsbosbeheer is het mogelijk de kudden in het begrazingsgebied te laten grazen. Per 1 januari 2006 grazen er in het schapenpark 36 ooilammeren + 50 oude ooien + 20 ooien van 2004 = 106 schapen. SBB St. Anthonis heeft nog 7 rammen voor de fok, die natuurlijk elders lopen. Per dezelfde datum bedraagt het aantal Schotse Hooglanders 18: 8 koeien, 5 stierkalveren en 5 vaarskalveren.